Ik schrijf columns over dagelijkse (vaak digitale) dingen

Honger naar de fiets

voorjaar

‘Het voorjaar komt eraan’ koppen de grote Nederlandse nieuwswebsites. Hoewel ik niet gefietst heb deze winter, alleen sporadisch een spinles, maar vooral kracht en stabiliteitstrainingen heb gedaan, is de honger naar de fiets groot. Zeker na het zien van de eerste voorjaarsklassiekers.

Nadat ik thuis overeenstemming heb bereikt over de zondagochtend, stap ik, herstellende van de buikgriep – wat ik niet als excuus wil gebruiken – op de fiets. Lucht in de banden, zon in de rug. Enkel het geluid van mijn zoevende bandjes. Heerlijk.

Na 2,3 kilometer pik ik bij een stoplicht een renner op. Hij komt van rechts en pikt aan, gaat in mijn wiel zitten. De benen voelen prima, zo peddelden we een tijdje door. Nadat ik een auto voor heb laten gaan, sla ik linksaf. Ik ga op mijn trappers staan. Ik zet aan en ik hoor dat de renner in mijn wiel hetzelfde doet. Nog voordat ik kan gaan piekeren over een strijdplan of een verbond, hoor ik een harde knal, gevolgd door een lange schreeuw. Ik kijk om. De renner die in mijn wiel hoorde te zitten, ligt met zijn gezicht naar de grond. Zijn fiets ligt twee meter achter hem.

Er zijn al snel wat mensen bij, maar toch rijd ik terug om te kijken of ik iets voor de renner kan betekenen. Als ik bij hem aankom, is hij er inmiddels bij gaan zitten. Ik zie zijn ketting midden op de straat liggen. ‘Die gaat het niet meer doen,’ zeg ik, de ketting optillend tussen twee vingers. Ik verzeker me ervan dat de man geen ernstige verwondingen heeft en een hulplijn in kan schakelen en ga weer op de fiets zitten. Ik mompel nog ‘Mooie manier om je voorjaar te beginnen..’

Weer fietsend voel ik me toch even verbonden met de renner. Even dat wij-gevoel. Wij helpen elkaar als het echt nodig is. Toch? Dat gevoel wordt weer langzaam tenietgedaan door tegemoetkomende renners die er amper een knikje uit weten te persen.

Na de eerste ‘klim’ van de dag merk ik dat de wegwerkzaamheden onderaan de brug nog steeds niet klaar zijn. Sterker nog, de gemeente heeft speciaal voor mij een stuk strade bianche aangelegd. Even waan ik mij op het Toscaanse platteland, de lange onverharde wegen, de zon, de cipressen aan weerszijden van de ‘weg’. Een stadsbus die langsraast en een wolk van stof mijn longen in blaast, brengt mij weer terug in de werkelijkheid.

De dijk, daar ligt hij. Het fietspad langs het water, dat altijd in je hoofd gaat zitten. Het begint vanzelf wel ergens te knagen. Hoe goed je ook bent. Twaalf kilometer rechtdoor, wind schuin van achter. Voor nu, weet ik. Het fietspad draait langzaam, de wind zal aan het eind van de dijk vol van opzij komen.

Poe. Heb ik mijn kruit al verschoten? Overmoedige voorjaarsstart, veel te hard begonnen. Nee! Nee, het gaat best aardig. Ik moet er hard voor werken maar, de hartslag is goed. Cadans goed hoog. Volhouden! Zet die onrust van je af. Nog 9 kilometer.

De weg draait, de wind is nu hard van opzij, ik draai minder soepel. Man man, ik had moeten fietsen deze winter. Volgend jaar blijf ik de hele winter door fietsen.

De knie! Niet de knie. De linkerknie begint te zeuren. Dat zou toch over moeten zijn. Na een winter rust en al die kracht- en stabiliteitsoefeningen? Het zit in mijn hoofd. De pijn ebt al weg. Toch? Ik zat gewoon even niet goed. Recht zitten. Buik aanspannen.

Als ik bij het einde van de dijk aankom, is mijn gemiddelde snelheid aardig afgenomen. Ik mag het volgende viaduct beklimmen, wetende dat aan de andere kant de wind op mij wacht. Klaar om mij te verpulveren.

Ik trap nog best lekker naar boven en kan het ritme er goed in houden. Als ik de top van het viaduct bereik, is daar de wind. Als de wind komt, komt de pijn ook. Van harken gaat mijn knie in de proteststand. Ik moet rekken, dan gaat het altijd wel weer even. Ik wil niet stoppen, stoppen doe je niet als je aan het fietsen bent. Ik moet door.

Als ik eindelijk bij het laatste klimmetje van de dag aankom, rijden er twee renners in de verte. Zou ik die nog kunnen pakken voor de top? Er zit weer wat leven in de benen. Als ik mijn ritme vind, krijg ik de renners in het vizier. Ik kom met rasse schreden dichterbij, voor ik het weet ben ik bij ze. D’r op en d’r over. Vast niets gedaan deze winter.

Als ik ook het laatste stuk door de wind heb geploeterd doet alles pijn. De knie, de benen en de schouders. Mijn hoofd heeft overuren gemaakt. Maar het hoofd is leeg. Er is geen ruimte voor dagelijkse dingen in het hoofd als de hersenen de vorm aan het peilen zijn. Of is de rust in je hoofd net zo groot als de vorm waarin je verkeert. Of…?

Ik neem mijzelf voor om mijn volgende rit iets rustiger te benaderen, meer genieten van het fietsen zelf. Lekker peddelen. Schijt aan de gemiddelden. Dat is precies hetzelfde voornemen dat ik had na mijn laatste rit in 2014.

Als ik thuiskom mag ik best tevreden zijn over de eerste rit van het jaar. Strava liegt niet. Ik klop mijzelf op de borst. Volgende keer nog harder.

‘Vervoersbewijzen alstublieft.’ Opeens besef ik dat de conducteur de zin net iets minder vriendelijk uitspreekt dan de vorige twee keer. Aan zijn gezicht te zien waren de vorige twee keer ook voor mij bedoeld. Nadat ik mijn OV-chipkaart wonderbaarlijk genoeg vind op de plek waar ik hem altijd bewaar, en de conducteur ziet dat het goed is, knikt hij mij met zijn allerbeste maandagochtendgezicht een goede dag toe. Peinzend laat hij mij achter in de overvolle coupé. Opgesloten in de trein, op weg naar de plicht, leg ik mijzelf op aankomende zondag te gaan fietsen. Wat er ook gebeurt.

Het aandenken aan een historische etappe

Flecha-trui-sky-tour-de-france

Waarom hangt het aandenken aan die historische etappe in de Tour de France aan de muur in het kleine Brabantse dorpje Engelen?

Maarten Mimpen is in de Tour de France van 2011 doordat de 15 koppige voorselectie van Team Sky hem unaniem kiest als een van de soigneurs. Maarten is de enige Nederlandse soigneur bij Team Sky. Iedere avond kneedt hij de gereden en geleden kilometers uit de benen van Edvald Boasson Hagen en Juan Antonio Flecha. Deze twee krachtpatsers leggen hun hele hebben en houden drie weken lang in de handen van Maarten.

Morgen is mijn dag.. Fluistert Flecha op de avond voor de negende etappe. Ik zorg dat ik meezit morgen. Maarten is overtuigd. Morgen is zijn dag.

De kopgroep bestaat uit vijf. Johnny Hoogerland, Juan Antonio Flecha, Luis Leon Sanchez, Thomas Voeckler en Sandy Casar. De vluchters zijn al een tijd vooruit en de kopgroep verstaat elkaar. De kans op overleven groeit. Nog 30 kilometer te gaan.

Licht euforisch bereikt Maarten Saint-Flour, de finishplaats. Flecha! Zou het hem lukken? Wat is het toch ook een geweldig mens en een nog betere renner. Dan wordt Maarten abrupt uit zijn dagdroom getrokken als het grote scherm laat zien hoe Flecha door een AUTO van zijn fiets af wordt gereden en meters op zijn rug over de grond schuift. Flecha neemt Hoogerland mee in zijn val en Johnny belandt ondersteboven in het prikkeldraad.

De tijd staat even stil.. De tour wacht niet.. Voeckler trapt door, en hard. Dit kan niet.. Wat is er gebeurd. Flecha ging winnen. Dit was zijn dag. Alles klopte…

… Gebroederlijk komen Johnny Hoogerland en Juan Antonio Flecha 16 minuten na de winnaar over de streep. Johnny met een nieuwe broek en ingezwachteld, Flecha met zijn kapotte trui nog aan. De pijn is zichtbaar, deze renners zijn letterlijk uit het veld geslagen.

Herinner dit als mijn dag zegt Juan Antonio Flecha als hij zijn gehavende Sky trui van die dag overhandigd aan zijn Soigneur. Maarten Mimpen. Beloof me dat je hem zelf houdt. Beloofd!

De volgende etappe starten Flecha en Hoogerland bij hoge uitzondering allebei met de rode rugnummers. Zij waren de meest strijdlustigste renners van de negende etappe.

Nu, in 2013, zijn Johnny Hoogerland en Juan Antonio Flecha de meest aanvallende renners uit de Vacansoleil-DCM formatie en iedere avond duwt Maarten van Mimpen hun hoop weer terug de benen in.

Thuis, in Engelen wacht Maarten, samen met zijn vrouw, het bewijs van die historische etappe.

Tim van Asch

Met veel dank aan Anita van Mimpen.

Ik heb weinig tijd ziet u.

Ik-heb-weinig-tijd-ziet-u

Toen ik afgelopen week de AppStore opende, omdat er een dwingend rood rondje met een 1 op te zien was, zag ik dat er een nieuwe versie beschikbaar was van de nrc.next app. Ik ben gek op updates. Misschien zit er eindelijk een reactiemogelijkheid op artikelen in, of.. misschien is er wel ruimte voor eigen bijdrages. Kom maar op met die update. Tijdens het downloaden en installeren ben ik wat anders gaan doen, er is zoveel te doen op een iPhone en er is zo weinig tijd. Ik kijk zo wel even, dacht ik nog.. Na twee dagen kwam ik er pas achter dat ik de hele nrc.next app nooit meer had bekeken, sterker nog, hij was nergens meer te vinden op mijn telefoon.

Na een klein onderzoekje kwam ik erachter dat de nrc.next er voor gekozen heeft om niet meer aanwezig te zijn op een ieders homescreen van de iPhone, nee, de nrc.next is vanaf nu te vinden in de kiosk van Apple. De kiosk is de applicatie van Apple, waarin uitgevers, jij en ik ook trouwens, digitale magazines en kranten kunnen publiceren. Dezelfde kiosk die bij mij op het derde tabblad van mijn telefoon staat, samen met alle andere apps die ik nooit gebruik, maar niet kan verwijderen. Waarom zou je in vredesnaam je merk verstoppen in de kiosk?

Is er iemand die mij hier even kan bijpraten over deze koerswijziging?

Zoals Ernst-Jan Pfauth het treffend onder woorden bracht in zijn stuk, Wat wij van een krant willen: “We vertrouwen er op dat de krant nu eindelijk eens het eeuwenoude model van standaard-nieuwsverhaaltjes-produceren weggooit en de grote uitdagingen die deze chaotische tijd oproept, aangaat. We verwachten dat de krant papier vergeet en het als een heilige missie ziet de digitale mogelijkheden ten volle te benutten.” Hier gaat het dus volledig mis voor nrc.next. Lees de beschrijving van de nieuwe app even met mij mee.. “Deze gratis iPhone en iPad-app biedt u de digitale editie van nrc.next. Ervaar het digitaal lezen met een leeservaring die zo dicht mogelijk bij de papieren krant blijft. Zo heeft u de complete krant bij de hand.”

Kom op! Denk nu eens innovatief in plaats van behoudend. Kijk eens naar de kansen die een app biedt in plaats van de beperkingen die de papieren versie met zich mee brengt. Een leeservaring die zo dicht mogelijk bij de papieren krant blijft, dit is precies waar het niet om draait. Nu wordt de digitale editie van de nrc.next de grootste concurrent van de papieren versie. Over concurrentie gesproken, ik snap dat concurreren met nieuwsboeren als nu.nl en de NOS zwaar werk is en bijna niet te doen, maar met enkel een digitale versie van jullie krant zet je jezelf strategisch buiten spel. Jullie grote pluspunten, scherpe journalistiek, achtergronden en vermakelijke columns zijn wat mij betreft een absoluut voordeel ten opzichte van nu.nl en de nos. Zorg ervoor dat die pluspunten digitaal in jullie voordeel gaan werken.

Ontwikkel een platform (app) met exclusieve en relevante content. Schrijf columns speciaal voor dit platform en zorg dat achtergronden en opinies de hele dag in beweging zijn, op basis van input van lezers. Geef het platform bestaansrecht door relevantie, betrek lezers. Betrokken lezers worden fans, fans worden ambassadeurs voor uw merk, ambassadeurs kunt u als krant niet genoeg hebben in deze tijd. Dit platform kan tevens ingezet worden voor het communiceren van artikelen die geen rekening hebben gehouden met de deadline van de krant en hier houd je mensen op de hoogte als New York dreigt weg te spoelen van de aardkloot.

Ik, als abonnee, heb een platform nodig, waar ik in contact kom met het merk, nrc.next. Waar ik binnen 1 oogopslag zie wat het populairste artikel van de krant van vandaag is, of op welk artikel het meest gereageerd wordt, zodat ik dit zelf niet hoef uit te vogelen. Ik heb weinig tijd ziet u. Hoewel ik, als gebruiker, er niet op zit te wachten biedt het bovenstaande verhaal genoeg ingangen voor adverteerders om aan te haken bij een kwaliteitskrant die zich digitaal onderscheidt en een vaste schare ambassadeurs en fans heeft gelokaliseerd op een platform.

Als jullie, nrc.next, als vooruitstrevendste krant van Nederland qua digitale strategie al falen, dan gaat de rest van kranten makend Nederland, samen met jullie keihard het onderspit delven tegen de “realtime” nieuwsbronnen! Ik zou heel graag willen weten wat de beweegredenen zijn achter de huidige strategische keuze. Of komt er toch nog een dedicated app? Wie praat mij even bij? Mochten jullie eens van gedachten willen wisselen hoor ik graag van jullie.

ps. Kleine tip mijnerzijds, Wijnberg is geen hoofdredacteur meer toch? http://www.nrcmedia.nl/portfolio/nrc-next/

 

image by: NRC.nl, Apple.com